Tamara is een zoekende vrouw van begin veertig. Hoewel intelligent en getalenteerd, heeft ze weinig voeling met zichzelf en met haar omgeving. Ze probeert – vaak roekeloos – houvast en betekenis te vinden voor zichzelf. Het leven overkomt haar meer dan dat ze het zelf vormgeeft. Ze erft een landhuis in verval, schrijft zich in voor een obscure weekendcursus, neemt per ongeluk een rugzaktoerist mee naar huis, begint relaties die ze niet wil. Er ontstaat rond haar een woongemeenschap, terwijl dat nooit haar wens was. Zelfs haar moeder is bij haar ingetrokken. Ondertussen probeert ze wel de ‘vallei van vertrouwen’ te bewaken voor haar kinderen. Ze is vast van plan om hen alles te geven – de veiligheid, de begrenzing – wat zij niet gekregen heeft. Uiteraard is ze daartoe niet in staat.

Amarna is mijn meest recente boek en enige roman. Zo snel als ik tien jaar geleden mijn eerste boek schreef (twee weken), zo langzaam ontstond Amarna. Er verstreken acht jaren tussen de conceptie en de stille geboorte van het boek. Het gaat dan ook over zoeken. Zoals in al mijn boeken is het hoofdthema menselijkheid. Humor en relativering zijn de onmisbare partners die de schrijver en de lezer begeleiden naar de diepte.

Met het verschijnen van haar eerste boek ‘Leven als God – Niets zo eenvoudig’ belandde Zoë Joncheere pardoes in de wereld van de non-dualiteit. Ze keek verwonderd rond. Heel eenvoudig zijn en heel ingewikkeld doen bleken elkaars partners te zijn. Ze had dan wel een boek geschreven over hoe het allemaal zit, en over hoe makkelijk je als God door het leven kan dansen, zelf bleef ze struikelen. Domweg, of door heel bereid en roekeloos te springen… en te vallen. In de leegte, hopeloos verloren, of in die andere leegte, dansend in het licht. Tussen verlicht en verloren, vertelt Zoë Joncheere over haar confrontaties als auteur, moeder en partner; over de fictie in de fictie. Compromisloos, bereid om alles te verliezen, zichzelf relativerend, en vooral met veel humor. ‘Want dan word je toch vrij, over alles, op het moment dat je er alleen nog om kan lachen… ”Tussen verlicht en verloren’ is een boekje over menselijkheid, herkenbaar, ontroerend en inspirerend. Een opluchting dat de zoektocht als mens niet zo een bitter-ernstige strijd hoeft te zijn.

Tussen verlicht en verloren is een boekje met losse columns – in een chronologische volgorde geschreven en gepresenteerd -dat in 2013 verscheen. Twee jaar na dat eerste boek.

Mijn eerste boek was geschreven voor ik helemaal besefte dat ik een boek aan het schrijven was. De manier waarop het boek geschreven werd, zichzelf schreef, is een illustratie van waar het boek over gaat. Als je jezelf niet meer in de weg staat, je gedachten en verhalen niet meer gelooft, ontstaat het mooist mogelijke leven vanzelf. En je moet er om lachen. Plots blijkt niets zo eenvoudig te zijn. En toch is het zo moeilijk. Waarom dan toch? Stap voor stap neem ik de lezer mee op een heldentocht naar mentale vrijheid.

Toen ik het boek schreef was mijn geest kristalhelder en ik dacht dat het leven nooit meer moeilijk zou zijn. Ik had de code gekraakt. Nog voor het boek was gepubliceerd, was de helderheid alweer verdwenen. Ik kon de theorie nog verkondigen, maar mijn talent om verhalen te construeren en er zelf in te geloven kwam ook weer bovendrijven

Leven als God verscheen intussen tien jaar geleden, een tijd waarin ik een haat-liefderelatie ontwikkelde met non-dualiteit en mijn eerste boek. Ondertussen haal ik mijn hart op aan nieuwe ontdekkingen en voel ik vooral dankbaarheid voor die heel bijzondere ervaring van ‘ontwaken’ en een boek ingefluisterd worden. Misschien was de verwarring wel dat er daarna niet het ene na het andere boek uit mij rolde. Het was toch zo eenvoudig gebleken? Ik snap nu dat het niet zo werkt.